Wij zijn niet belangrijk

Wij zijn niet belangrijk

9 december 2020 Verhalen 1
natuurbegraven-nederland-roy-van-boekel

Oprichter en directeur Natuurbegraven Nederland Roy van Boekel over betekenis, ruimte maken, het leven en de dood.

Beluister dit verhaal hier

Wij zijn niet belangrijk

Het is zowat de kortste dag van het jaar. De lucht is grijs en nattig. Hoewel het vroeg in de middag is lijkt het alweer donker te worden. Overal branden de lichtjes van de kerstbomen op het platteland rond Schaijk. Perfect weer voor een begrafenis. Tenminste, als je een droevig decor zoekt en de dood als iets donkers ervaart en zo wil ‘vieren.’ Ik denk aan de dood, want ik ben op weg naar een natuurbegraafplaats. Dat is, het woord zegt het al, een begraafplaats in de natuur. Ik bedoel dan geen rhododendron naast een crematorium. Ik bedoel echte natuur. Met hagedissen en mos. Het bedrijf Natuurbegraven Nederland koopt land op, ontwikkelt dat tot natuur en maakt dat financieel mogelijk door in die natuur begraafplaatsen te realiseren en te verkopen. Zonder subsidie komt er dus veel natuur bij, doordat zij een belangrijke wens van een groep mensen weten te vervullen. 

Ik heb een afspraak met directeur en mede-oprichter Roy van Boekel en loop op mijn gemakje naar hun nieuwe, ingetogen mooie pand dat zo in een advertentie voor een vakantiehuis in het bos had kunnen staan.

Natuurbegraafplaats Schoorsveld

‘Wil je koffie?’ wordt mij bij binnenkomst gevraagd door een vriendelijke dame van in de vijftig zonder dat ze lijkt te willen weten wat ik kom doen. ‘Nee, dankje,’ zeg ik. ‘Ga lekker zitten,’ zegt ze en ze wijst me op een fijn bankje bij de open haard. Ik ga zitten uit beleefdheid, maar sta weer op als ze weg loopt. Ik heb net een tijd in de auto gezeten, ik wil even kunnen staan. En rond kunnen neuzen.

‘Wil je koffie?’ hoor ik weer. Dit keer staat er een andere, minstens zo vriendelijke vrouw van in de vijftig voor mijn neus die mij zonder te hoeven weten wat ik kom doen eveneens gastvrij verwelkomt. ‘Nee, dankje.’ 

‘Ga lekker zitten.’

‘Doe ik zo, is Roy in de buurt?’

‘Roy? ik ga eens kijken,’ en ze loopt de trap op.

‘Wil je koffie?’

‘Ja, lekker,’ beantwoord ik de dit keer wat jongere vriendelijke vrouw. Ik ga met mijn cappuccino op het lekkere bankje zitten en wacht geduldig op Roy. Ik ben in menig restaurant minder gastvrij ontvangen, ik voel me helemaal welkom.

‘Ha, Juul!’ begroet Roy me joviaal. We hebben elkaar een keer eerder ontmoet en kort gesproken, maar hij lijkt oprecht blij me te zien. ‘Wil je koffie?’ Ik schiet in de lach. ‘Je bent de vierde die het me vraagt,’ zeg ik. ‘Ik hoef even niks.’ 

‘Ik neem nog wel een bakje, ogenblik.’ Bij de koffieautomaat hoor ik hem al weer kletsen met een van de vriendelijke vrouwen. Met een schaterlach en druk gebarend loopt hij de ruimte binnen waar we met elkaar in gesprek gaan.

’Roy, ik wilde je eigenlijk vragen waarvan ga jij AAN, maar jij lijkt de hele tijd aan te staan.’

‘Hahaha ja daar heb ik wel vaker last van’ en gelijk vertelt hij honderduit over zijn bedrijf en wat hij daar allemaal in doet. Wat een hoge energie heeft die man. 

Een Rasverteller. Hij beweegt continu op zijn stoel. Gebaart met zijn armen en handen. Hij praat op een bevlogen, aanstekelijke toon. Als hij niet de hele tijd van die hartverwarmende betekenisvolle dingen zou zeggen zou hij zo een typetje van Hans Teeuwen kunnen zijn.

‘Natuur. Gat maken. Gat weer dicht maken. Simpel.’

Roy van Boekel

Het gaat heel goed met Natuurbegraven. De vierde locatie in Nederland is geopend. En deze natuurbegraafplaats is bijna helemaal buiten Roy om tot stand gekomen. ‘Mooi vind ik dat.’ Hij is echt trots op diegene die de nieuwe plek heeft weten te realiseren. ‘Het is toch alsof je kindje volwassen wordt zo.’ De dag voordat de nieuwste locatie opende is hij er heen gegaan om toch nog iets ‘gesjouwd te kunnen hebben voor die plek.’

Ik vraag hem wat Natuurbegraven volgens hem zo bijzonder maakt. ‘Kijk, omdat wij nogal een vreemde eend in de bijt zijn, met begraven in de natuur en de eeuwige grafrust die wij bieden, trekt dat mensen aan die bewust bezig zijn met hun sterfelijkheid.’

Mensen die ernstig ziek zijn, of al wat ouder en een graf aan het regelen zijn voor zichzelf. En die mensen leren zij echt kennen. Dat zijn gewoon Karel en Marianne bij wijze van spreken. ‘Het spreekt dus voor zich dat wij die mensen hun laatste wensen willen doen uitkomen. Met aandacht en zorgvuldigheid.’ 

Ze willen hun uitvaart en graf volgens hun wensen mogelijk maken, maar niet alles kan zegt Roy: ‘Ballonnen in de natuur? No way! Maar dat snappen mensen ook. Omdat wij die mensen zo veel aandacht geven.’ Zij doen dan ook geen honderdvijftig begrafenissen per jaar. ‘Wij doen honderdvijftig keer één begrafenis.’

Hoe kan een man van zijn leeftijd al zo bewust bezig zijn met eeuwige grafrust? En zo zorgvuldig en verantwoordelijk willen zijn voor levensveranderende gebeurtenissen van anderen. En zo dienend zijn aan de natuur. Ik vraag het hem.

‘Dat is een beetje de aard van het beestje. Het moet wel kloppen. Het moet wel goed zijn. Het moet kloppen, hier’ en hij klopt op zijn hart als hij ‘hier’ zegt. 

Martin Binder bedacht mede Natuurbegraven, overleed in 2019 en ligt begraven op Schoorsveld

In het begin was het echt niet makkelijk om het van de grond te krijgen. ‘Martin Binder kwam bij mij met het idee.’ Hij schiet vol bij de gedachte aan zijn overleden makker. Herpakt zich. ‘Het idee was simpel: Natuur. Gat maken. Gat weer dicht maken,’ zegt hij nu weer met pretogen. ‘Maar wat er allemaal bij komt kijken aan regels en afspraken, dat wil jij helemaal niet weten.’ 

Nou, eigenlijk wel, maar Roy vertelt honderduit zijn eigen verhaal.

‘We hebben voor we begonnen zo veel weerstand ervaren, van mensen uit de omgeving. Die vonden wat wij hier wilden doen geen goed idee. Wij wel, maar ik kan niet verwachten van anderen dat ze dat ook vinden. Ik moedigde die mensen aan om bezwaar te gaan maken, en vertelde ze hoe ze dat het beste kunnen doen.’

Toen uiteindelijk alles in kannen en kruiken was had de gemeente snel een persbericht rondgestuurd. ‘O nee,’ dacht Roy, ‘onze buren moeten het niet uit de krant halen.’ Dus dezelfde avond nog schreef hij briefjes en deed hij ze persoonlijk in de bus bij alle omwonenden. ‘Ik wilde het ze zelf vertellen en heb ze erbij uitgenodigd voor een kop koffie. Zo doe je dat toch gewoon.’

Wat een ruimte weet hij te maken. Is hij zich daar wel van bewust? ‘Ja, nu je het zegt, maken wij wel een boel ruimte.’ En meteen vertelt hij het verhaal van een begrafenis waar de familie de overledene met de eigen quad kwam brengen tot aan het graf. ‘Voor ons zo’n kleine moeite,’ laat hij zien met geopende duim en wijsvinger. En vervolgens met wijd open gespreide armen: ‘En voor hun zo iets groots.’ Ja dat is ruimte maken. Letterlijk. 

‘Het moet híer kloppen.’

zegt Roy met de hand op zijn hart

En hoe maakt hij ruimte voor de mensen die hier werken? Wat maakt dat het lekker loopt?

‘Het zijn allemaal prachtige mensen die hier willen werken. Allemaal goed ‘hier’’ en hij klopt weer op zijn hart. ‘Laat ik het zo zeggen,’ zegt Roy,’ het zijn vaak mensen die werkten bij een bank of een commercieel bedrijf en nu iets heel zinvols willen doen met hun leven. Betekenis geven. Anderen helpen. Dat kunnen wij ze bieden. Geen carrière, wel betekenis en plezier.’ Met eigen opleidingsprogramma’s kunnen medewerkers, de club, zoals Roy ze noemt, zich bekwamen in begeleiden van mensen, diensten, rouw en de natuur beter leren begrijpen.

‘Want dat moet ook kloppen.’ En hij legt zijn hand weer op het hart.

‘Wat betekent het toch Roy als jij je hand daar legt. Hoe heet dat’

En voor het eerst is hij even stil. Kijkt hij me aan met de blik van een kleine jongen die iets wil zeggen dat misschien niet helemaal mag. En dan:

‘Woorden geven is af en toe moeilijk.’

‘Heel af en toe inderdaad,’ zeg ik met een kwinkslag.

‘Ja, hahaha.’

Stilte. En dan:

‘Het hart. Mijn gevoel.’

Zo verbonden zijn met wat hij doet, met zijn gevoel en het toch lastig vinden dat woord uit te spreken. Ontwapenend. En open: ‘Mijn broertje is een grote inspiratiebron voor mij geweest. Toen wij op de middelbare school zaten werd hij ziek en daardoor blind. Hoe erg, op die leeftijd. Maar hij heeft nooit één keer geklaagd. Natuurlijk was hij wel boos en verdrietig maar hij is nooit bij de pakken gaan neerzitten. Nooit! Ik heb vrienden die woonden nog veel langer thuis bij hun moeder dan mijn broertje.’ Zijn ogen glimmen van trots. Zijn verhaal stopt hier. Na een tijdje: ‘Kom we gaan naar buiten, want ik wil je de natuurbegraafplaats laten zien.’

roy-van-boekel-natuurbegraven-nederland
Roy van Boekel: ‘Wij zijn niet belangrijk.’

Wandelend door wat op het oog een open bos is, met allerlei soorten mos en struikjes, ontwaar ik zo links en rechts bloemstukken en boomstammetjes als tijdelijke grafzerken. ‘Daar doen we het voor, een mooie begraafplaats in de natuur. Wij zijn zelf helemaal niet belangrijk. Het gaat om die mensen én de natuur.’ Het Vieren van de dood maakt fysieke ruimte voor het leven. 

Een rouwgroep komt aan voor een begrafenis en terwijl Roy en ik nog volop in gesprek zijn lijk ik voor hem in rook op te gaan. Al zijn aandacht gaat naar het bezoek. Hij begroet de verdrietige mensen, geeft ze een hand en zet de linker erop. Op fluistertoon condoleert hij ze. Ik zie aan alles dat ze een band hebben. Ze kennen elkaar echt. En in een flits zie ik precies wat hij me heeft zitten uitleggen. Hij meent het. Hij leeft het. Onder de indruk van hem en zijn spontane ingetogen en warme aandacht loop ik weg, naar buiten. We zwaaien nog even, amper merkbaar voor zijn gasten.

Ga eens lekker wandelen of alvast een graf uitzoeken bij Natuurbegraven Nederland.

Alle foto’s zijn voor zover ik kan herleiden afkomstig van Natuurbegraven Nederland.

boek-leiderscap-maakruimte-coach

Dit is een verhaal uit het boek Maak ruimte en laat je mensen shinen. Bestel hier jouw exemplaar.

Wil jij jouw ervaringen delen, leren en groeien met andere leiders? Kom dan eens naar een van de ruimtemaakers bijeenkomsten.

 

Één antwoord

  1. Mariska de Jong schreef:

    Prachtig verhaal:
    Een tijd terug wandelde ik ook hier. Ik maakte ruimte voor duurzaamheid zitten op het bankje , vogels, water, geuren, enkele wandelaars en vooral het groen. Ruimte voor het bewust zijn, tot mezelf komen ,de rust, de stilte ,mij zelf ontdekken. Het besef dat wij niks zijn . Ik ontdekte mijn reinheid. Ik kreeg ruimte om te geven en vandaar uit te mogen ontvangen. Ontvangs was geweldig en hopelijk mag nog lang op deze plek wandelen. Een plek die ik wel aanbevelen bij mijn klanten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.